De binnenkant (deel II)

Het gaat vooruit, zij het langzaam maar zeker.

De bouw van deze boot geeft inmiddels de indruk van de bouw van een prototype.
De skiff is bedacht en getekend door John Gardner zo’n dertig jaar geleden maar vermoedelijk heeft hij er geen gebouwd, gezien de man overleed in 1995. Het zou volstaan om er één netjes na te bouwen, ware het niet dat ik er inmiddels +20 jaar mee heb gevaren. Eén en ander is voor herziening vatbaar.

  • De afgesloten zwaardkast die hoog opzwiept in het midden van de boot bepaalt voor een deel het karakter en het uitzicht van het originele ontwerp… Maar de “bult” zit behoorlijk in de weg bij het varen.
    Die moet weg. De zwaardkast van deze boot volgt nu de lijn van de doftwegers (lees: de hoogte van de andere bankjes).
  • Het voorste middendoft (doft=bankje) wordt nooit gebruikt en is een ding gebleken waarover je steeds overheen moet klauteren of waaronder spullen klem komen te zitten.
    Die laat ik er (voorlopig?) ook uit.
  • Het originele”Houari” tuig is perfect bij het zeilen, zoals eerder gezegd kende ouwe John zijn vak en wist zijn geesteskind het juiste zeil aan te meten van op de tekentafel zonder er ooit één te bouwen.
    Echter, het op- en aftuigen gaat moeizaam in winderige omstandigheden en is van op het water vrijwel niet mogelijk.
    Twee zeiltjes zijn inmiddels in de maak; Een originele Houari die de boot altijd zal passen, en een (iets groter) gaffelzeiltje. Dat laatste zal het op- en aftuigen te water aanzienlijk verbeteren.

Prototype dus want met een gewijzigd zwaard, een onverstaagde zwaardkast en twee tuigen te testen is dit een vernieuwd ontwerp.
Zal beslist het eindresultaat ten goede komen.

En wel ja hieronder wat beelden van de vooruitgang die ik de moeite vindt.
Met bronzen schroeven hier en daar!


De binnenkant (deel I)

John Gardner 14foot row and sail built nov 2019

De meeste onderdelen voor de binnenkant zijn inmiddels klaar. Klaar om af te werken, definitief samen te stellen en uiteindelijk te monteren.
Althans dat denk ik graag.
De volgorde van werken dicteert de boot; Eén en ander vloeit voort uit de precieze hoogte van de doftwegers (dat zijn de twee slierten hout die binnen halverwege de romp van achter naar voor lopen). Die moesten er als eerste in.
Daarna kon ik de hoogte van de zwaardkast bepalen (voor- en achterkant) en de nodige onderdelen maken.
Vervolgens de doften (de zitbanken) waarvan hun passing ook bepaald wordt door de plaats van de wegers.
Bij dagen dat me het geneuzel met de meter en de hoekmaat teveel werd ging ik in stilte naar een andere hoek om de roeidolhouders te maken en de vijf stevens die nog ontbraken. En van die dagen waren er niet tekort want zo had ik tijd om het roerbeslag in het roerblad te frezen en de klossen voor de achtersteven (-tje) te maken.

Genoeg vaklatijn voor deze keer.
Hieronder wat beelden van de vooruitgang in chronologische volgorde.

Geschoren

Dat ziet er al beter uit met het kortgewiekte vrijboord.
Het Orgon pine berghoutje laat zich over de 4,3m lengte makkelijk buigen maar bood behoorlijk weerstand tegen de torsie in de overgang naar de neus. Dan maar het latje overlangs gehalveerd, het eerste deel erop gelijmd met schroefjes en vervolgens het tweede deel gelijmd met klemmen.
Verdubbelt het werk ruimschoots maar het resultaat ziet er puik uit; Nergens zichtbare schroefgaten en de romp wordt er integraal sterker van.

Lelijk eendje

Hier keek ik naar uit; Het moment dat de romp van het spantenraam kon gelicht worden en omgedraaid.
Nu met enige spoed de zijplaten trimmen, want een romp met danig overschot aan vrijboord is pijnlijk lelijk om te zien. komt goed, over enkele dagen toon ik de opgeschoonde versie van deze rauwe diamant.

Een dikke maand later…

Berthas September 2019

En de romp, de basis van de boot samengesteld uit losse puzzelstukjes, is haast klaar.
Het gekromde neushout precies op zijn plaats schroeven op het spantenraam was een delicate zaak; Immers dit raam moet nog dienen om nog enkele boten te maken en de juiste passing van dit onderdeel is van belang.
Maar zie, de klus is geklaard en op enkele onverwachtte akkefietjes na past de puzzle in mekaar.
Voor de eiken opzetneus waarbij ik aanvankelijk twijfelde tussen een gestoomd of een gelamineerd stuk koos ik voor het lamineren; Het restant van het gezaagde neushout was de gedroomde kandidaat om te dienen als mal. Het gelamineerde stuk paste als gegoten.
Soms heb je geluk en valt je oog op een eind hout in de afvalbak.

Hieronder wat beelden die de vooruitgang illustreren.

Ja, dit is er één.

Het spantenraam (de helling) was het eerste dat klaar was. Dat bleek een bijzonder handig ding want het deed dienst als lange vlakke werktafel om de bodem- en zijplaat lassen op te maken.

De vijf spanten op maat maken vraagt ook best wat ruimte en die was er in overvloed met de gelaste bodemplaat op de helling.

Maar kijk met de spantjes klaar voor montage was het tijd om de werktafel terug om te bouwen naar zijn oorspronkelijke doel: Een spantenraam.
Eéns die op zijn plaats geschroefd bleek één en ander behoorlijk te kloppen; Alle hoeken aan de spanten; zij- en bodem zijn in orde.
De mal voor de zijplaat past precies… Hoewel -en dat zal de praktijk nog moeten uitwijzen- de precisie is wel heel afgemeten, voor een overmaatse matrijs lijkt me die wat krap.

Hoedanook, dit silhouet ziet er vertrouwd uit, en ik ben nu meer met een boot aan de slag als met losse platen en houtjes.

Bertha met een fokje en een GoPro

Na de uitstap met Bertha in 2017 in Vannes had ik de spriet en de fok niet meer gebruikt. Het was deze hete zondagnamiddag bijzonder licht weer en het leek me het uitgelezen moment om die nog een keer in te zetten.
En … opnames te maken met een GoPro. Tja voor alles is er een eerste keer en wat ik onthoud van deze is dat de rommel aan boord best niet in beeld komt- door rommel op te ruimen voor een opname en netjes op te tuigen.
De kenners onder jullie zullen ongetwijfeld opmerken dat de fokkeschoot voering er bijzonder vrijbuiterig verloopt. Klopt helemaal maar ik was in de stemming en de ontbrekende losse blokjes konden me niet uit de stemming brengen om toch maar zonder van wal te steken.

Maar ter zake, met 2 tot 3 Bft en enkel mezelf aan boord deed de skiff het behoorlijk anders, pittiger kortom.